Informatie over de gemeente

De gemeente Dantumadiel, gelegen in Noordoost Friesland, heeft een oppervlakte van ruim 8.700 hectare. Het ligt direct ten noorden van de rijksweg Leeuwarden - Groningen en ten zuiden van de stad Dokkum. Grensgemeenten zijn Dongeradeel, Ferwerderadiel, Tytsjerksteradiel en Kollumerland c.a.

Dantumadiel is een plattelandsgemeente met drie grotere dorpen: Damwâld, De Westereen en Feanwâlden en acht kleine dorpen: Broeksterwâld, De Falom, Driezum, Feanwâldsterwâl, Readtsjerk, Rinsumageast, Sibrandahûs en Wâlterswâld.

Het landschap van de gemeente Dantumadiel heeft voor een deel het gesloten en smûke karakter van de Friese Woudstreek. Buiten dit gebied gaat het coulissenlandschap over in een open en ruim landschap. Het landschap leent zich uitstekend voor lange fiets- en wandeltochten en biedt prachtige kanoroutes.

Cultuur en historie

Dantumadiel kent een lange en rijke geschiedenis. De oudste sporen van menselijke aanwezigheid dateren uit de laatste ijstijd, ruim 8000 jaar voor Christus. Op het gebied van religie kent Dantumadiel een rijke historie. In de gemeente stond vroeger het klooster "Claercamp", het grootste en belangrijkste klooster van Friesland. Rond het jaar 1000 werd de verdedigingstoren "Schierstins" in Feanwâlden gebouwd. Het is de nog enige overgebleven verdedingstoren in Friesland. Rond 1400 werd de toren overgenomen door de monniken van Claercamp. Het middeleeuwse kerkje "Kloosterkapel" bij Sibrandahûs is waarschijnlijk gesticht als uithof van het vroeger klooster "Claercamp" . De kloosterkapel en "De Schierstins" worden tegenwoordig gebruikt voor culturele activiteiten.

In Damwâld staan twee Nederlands Hervormde kerken, die vlak voor of omstreeks 1200 gebouwd zijn. Het kerkgebouw aan de Doniawei kent een bijzonder orgel uit 1777 van de bekende Duitse orgelbouwer A.A. Hinsz. In Driezum staat de enig overgebleven state "Rinsma State". In Rinsumageast is de Nederlands Hervormde Kerk (11e eeuw) zeker een bezoekje waard. Eén van de bezienswaardigheden in dit gebouw is de unieke crypt.

Dantumadiel was tot het begin van de 19e eeuw het centrum van het verbouwen en drogen van cichorei. Van de totale Nederlandse productie komt in de topperiode bijna 40% uit Dantumadiel. Er staan maar liefst 20 cichoreidrogerijen. In Damwâld staat "De Sûkerei", een openluchtmuseum waar drie Wâldhûskes en een cichoreidrogerij zijn herbouwd.

Het grondgebied van de gemeente is door de jaren heen enkele malen aan veranderd. Zo bestond het gebied dat bekend staat als de grietenij Dantumadiel aanvankelijk ook nog uit Oosterbroeksterland, rond werd dit de zelfstandige gemeente Kollumerland c.a. Daarnaast hebben er in 1925 en 1965 twee annexaties plaatsgevonden door de toenmalige gemeente Dokkum. Met het verkrijgen van dit grondgebied kon Dokkum haar vleugels tot buiten de stadswallen uitslaan. In 1984 heeft er nog een gemeentelijke herindeling plaatsgevonden waarbij Dantumadiel de dorpen Burdaard en Jannum kwijtraakte aan buurgemeente Ferwerderadiel.

Grondgebruik

De gemeente ligt op het overgangsgebied tussen de zandgronden van de Friese Wouden en het kleigebied van Oostergo met daar tussen een zône natte veengronden. Wat bodemtypen en landschapsbeeld betreft is het gebied in te delen in drie soorten: het zandgebied van de 'noordelijke wouden', het veengebied op een ondergrond van zand met een open half waterrijk landschap en het zeekleigebied in het noorden, dat gekenmerkt wordt door een grote openheid.

Momenteel is grasland de dominante vorm van bodemgebruik. Dat was vroeger ook in de lager gelegen delen, de veen- en kleigronden het geval. Op de hoger gelegen zandgronden overheerste de akkerbouw. Het veengebied werd zeer extensief gebruikt. Tot diep in het voorjaar bleef het nat, zodat die percelen uitsluitend als hooiland konden worden gebruikt. Pas begin vorige eeuw is de waterhuishouding door talrijke kleine waterschappen verbeterd. Het moerasachtige Bûtenfjild werd als werkverschaffingsproject omgevormd tot landbouwgrond. De rond die tijd gebouwde boerderijen hebben het gebied verder in cultuur gebracht. Momenteel worden gedeelten van dit gebied weer tot moeras gemaakt waar de natuur haar gang kan gaan..

Bewoningsgeschiedenis

De oudste sporen van menselijke aanwezigheid dateren uit de laatste ijstijd, het laat Paleolithicum dat wordt gedateerd als ouder dan 8000 jaar voor Chr. Men leidt dit af uit vuursteenvondsten op de hogere delen van dit gebied. Het is onduidelijk of de mensen die hiermee annex waren rondtrekkende jagers waren of dat hier mensen echt hebben gewoond. Na de Midden Steentijd werd het gebied natter en daardoor minder geschikt voor bewoning. Deze situatie veranderde toen de zee haar invloed uitbreidde tot het noorden van dit gebied. De zee drong door middel van kreken het veengebied binnen en had een drainerende invloed. Sporen van bewoning tonen dat kolonisten zich vestigden op de vruchtbare afzettingenen op de hogere delen van waddenlandschap.

Gemeentewapen

Gemeentewapen gemeente DantumadielHet gemeentewapen kwam voor het eerst voor op een kaart ‘yn de Beschrijvinge van Frieslandt’ van C. Schotanus in 1664. Het recht om het wapen te voeren is door koning Willem I in 1818 officieel verleend met de volgende woorden:
DE HOGE RAAD VAN ADEL, gebruik makende van de magt aan denzelven verleend, bij besluit van den 20sten Februarij 1816, bevestigd bij dezen de Grietenije van DANTUMADEEL ingevolge het, door haar gedaan verzoek, in het bezit van het navolgende wapen. Zijnde een schild, gevuld als volgt: het bovenste Keel, - een gegolfde beek van zilver. Het derde gedeelte van goud beladen met een lopende Vos van Keel . Het onderste gedeelte van groen – Het Schild gedekt met een gouden Kroon.
Gedaan in ’s GRAVENHAGE den 25 Maart 1818.


De golvende dwarsbalk van zilver verwijst waarschijnlijk naar de vele wateren binnen de gemeentegrenzen. De vos mag dan nu weer in het gehele land opduiken, ten tijde van de vaststelling van het wapen kwam hij met name voor op de hoger gelegen zandgronden waar Dantumadiel rijk aan is.

Gemeentevlag

De gemeentevlag is in de raadsvergadering van 22 maart 1962 vastgesteld: rechthoekig, bestaande uit vier horizontale banen van gelijke hoogte, gerekend van boven naar beneden.