Aangifte overlijden

Als iemand overlijdt, kan iedereen die dat weet daarvan aangifte doen. Dit gebeurt altijd in de gemeente waar de persoon is overleden. Meestal doet de begrafenisondernemer de aangifte, maar u mag het ook zelf doen.

Waar en wanneer

  • De aangifte vindt plaats in de gemeente waar de persoon is overleden
  • Aangifte van overlijden moet binnen zes dagen na het overlijden worden gedaan. Meestal doet de begrafenisondernemer dit
  • Na het opmaken van de overlijdensakte wordt het overlijden geregistreerd in de Basisregistratie Personen van de woongemeente

Begrafenis of crematie

De begrafenis of crematie vindt meestal plaats binnen zes dagen na het overlijden. Om iemand te kunnen begraven of cremeren, hebt u een 'verlof tot begraven of cremeren' nodig. De gemeente waar iemand is overleden geeft die af.

Overlijden in het buitenland

Is een inwoner in het buitenland overleden? Dan moet u dit doorgeven aan de gemeente. U moet een overlijdensakte inleveren. De overlijdensakte moet gelegaliseerd zijn.

Let op: is de akte opgesteld in een andere taal dan Nederlands, Duits, Engels of Frans? Dan moet u de akte laten vertalen door een beëdigd vertaler.

  • Een geldig legitimatiebewijs
  • Een doktersverklaring van het overlijden
  • B-envelop met daarin gegevens over de doodsoorzaak. Deze krijgt u van de dokter
  • Eventueel een trouwboekje

Aan de aangifte overlijden zijn geen kosten verbonden. Voor een afschrift van de overlijdensakte betaalt u € 13,40